Bij een onderhandelingsprocedure met bekendmaking wordt de opdracht gegund ofwel op basis van één enkel criterium, nl. de prijs, ofwel op basis van diverse gunningscriteria.
Ze omvat 2 fasen: de aanbestedende overheid is verplicht een aankondiging bekend te maken. Hierin vermeldt ze de financiële, economische en technische minimumeisen waaraan de belangstellende ondernemingen moeten voldoen en de uiterste ontvangstdatum voor de aanvragen tot deelneming.
Enkel de ondernemingen die geacht worden over de beste draagkracht te beschikken om de opdracht uit te voeren en die zich niet in een toestand van uitsluiting bevinden (faillissement, fiscale achterstallen of achterstallen bij de RSZ ...) worden geselecteerd (minstens 3 ondernemingen indien er voldoende geschikte kandidaten zijn). In een tweede fase verzoekt de aanbestedende overheid hen tegen een bepaalde datum een offerte in te dienen.
Het bestek moet ten laatste beschikbaar zijn wanneer de uitnodiging wordt verzonden.
Om de laagste of voordeligste offerte te bepalen, kan de aanbestedende overheid met één of meer concurrenten onderhandelen over de voorwaarden van de opdracht. Tijdens de onderhandelingen dient het beginsel van de gelijke behandeling te worden nageleefd. De concurrenten die objectief vergelijkbare offertes hebben ingediend, moeten dus worden uitgenodigd om deel te nemen aan de onderhandelingen.
In het klassieke stelsel vormt de onderhandelingsprocedure met bekendmaking een uitzonderingsprocedure. Het gebruik ervan is slechts mogelijk in de vier gevallen die limitatief opgesomd zijn in artikel 17, § 3, van de wet betreffende de overheidsopdrachten. In deze gevallen worden onderhandelingen noodzakelijk geacht.
In het stelsel van de speciale sectoren en op defensie- en veiligheidsgebied gaat het daarentegen om een gewone procedure die vrij kan worden gekozen.